Ephrem Delmotte en de Ronsese beiaard

 

In het begin van de vorige eeuw (1930) werd de nieuwe Ronsese beiaard plechtig ingespeeld door Charles De Mette, beiaardier aan het huis van koning Albert I, en de steden Brussel en Aalst.

Ephrem Delmotte was reeds in Ronse gekend als muziekleraar aan de Rijsmiddelbare school en de Stedelijke Muziekschool.

Toenmalig Burgemeester Eugène Soudan zoekt Ephrem op bij hem thuis om hem te vragen of hij interesse heeft stadsbeiaardier van Ronse te worden, op voorwaarde evenwel een beiaardiers diploma te behalen. Delmotte aanvaardt het voorstel en gaat lessen volgen aan de Koninklijke Beiaardschool te Mechelen bij Jef Denijn en Staf Nees, waar hij zijn diploma behaalt in 1933. Zij benoeming volgt in 1934.

Hij gaf, buiten de wekelijkse bespelingen, nog extra concerten tot hij in 1961 Ronse verlaat en naar Oostende gaat wonen. Van dan af wordt de beiaard verwaarloosd en raakt hij in onbruik.

In 1974 zorgen Ephrem Delmotte, André Demortier en Marcel De Meue ervoor dat de beiaard terug een stem krijgt. Na een grondige herstelling in 1976 wordt de beiaard plechtig heringespeeld door Ephrem Delmotte met medewerking van verschillende Ronsese harmonieën en zangkoren.

In 1986 richt hij samen met Pierre Buysschaert, Adelin Devos, schepen Albert De Cordier, Marcel Demeue, André Onijn, André Roekeloos, Ludo Van Malcot en z.e.h. deken Van Melckebeke het beiaardcomité 'Sint Hermes' op.

In 1994 wordt de beiaard volledig gerestaureerd en uitgebreid met een aantal nieuwe klokken. Delmotte drukt de wens uit om ooit nog eens de nieuwe beiaard van Ronse te bespelen.

Op 15 augustus 1995 geeft de inmiddels 90 jarige Delmotte, als oudste spelende beiaardier ter wereld zijn laatste concert te Ronse. Onder ruime belangstelling neemt hij afscheid van zijn Ronses publiek.